ECLI:NL:RVS:2005:AT3760
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- J.A.M. van Angeren
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid administratief beroep examencommissie Universiteit Utrecht
Appellant had bezwaar gemaakt tegen het intrekken van een voorstel over het afleggen van toetsen binnen het studieonderdeel Geïntegreerde Behandeling van Geneesmiddelen aan de Universiteit Utrecht. Dit bezwaar werd door het College van beroep voor de examens ongegrond verklaard, evenals door de rechtbank Utrecht. Appellant stelde daarop hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de brief waarin het voorstel werd ingetrokken niet was ondertekend door een examencommissie of examinator, maar door een coördinator. Hierdoor was er geen sprake van een besluit waartegen beroep kon worden ingesteld op grond van artikel 7.61 WHW. Het College had het beroep daarom niet-ontvankelijk moeten verklaren, hetgeen de rechtbank ten onrechte niet had gedaan.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de eerdere uitspraken en het besluit van het College, en verklaarde het administratief beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd bepaald dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit en werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het administratief beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de brief niet van een examencommissie of examinator afkomstig was.