ECLI:NL:RVS:2005:AT3686
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Th.G. Drupsteen
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen vergunning opslag consumentenvuurwerk
Bij besluit van 1 december 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Almelo een vergunning aan een vergunninghoudster voor het veranderen van een detailhandel en de opslag en verkoop van maximaal 10.000 kg consumentenvuurwerk aan een locatie in Almelo. Appellanten stelden beroep in tegen dit besluit en verzochten tevens om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het verzoek en het beroep op 1 maart 2005. Appellanten voerden aan dat hun beroep ontvankelijk moest worden verklaard omdat zij redelijkerwijs niet kon worden verweten dat zij geen bedenkingen hadden ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Zij stelden dat de kennisgeving niet voldeed aan de vereisten van de Algemene wet bestuursrecht, onder meer doordat niet alle relevante informatie was vermeld en de kennisgeving niet op naam was gesteld.
De Voorzitter oordeelde dat de kennisgeving in het huis-aan-huisblad voldoende informatie bevatte over de vergunningaanvraag en de mogelijkheid tot het indienen van bedenkingen, hoewel niet in alle opzichten aan alle eisen was voldaan. Desondanks was er geen reden om te concluderen dat appellanten redelijkerwijs niet konden worden verweten geen bedenkingen te hebben ingebracht. Ook de niet op naam gestelde kennisgeving voldeed aan de wettelijke eisen en de omvang van de directe omgeving waarvoor kennisgevingen werden verspreid was adequaat vastgesteld.
Daarom werd het beroep van appellanten niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunning voor opslag en verkoop van consumentenvuurwerk is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.