ECLI:NL:RVS:2005:AT2809
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E.J. Nolles
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering handhaving bouwcontainer Valkenburg aan de Geul
Het college van burgemeester en wethouders van Valkenburg aan de Geul weigerde handhavend op te treden tegen het plaatsen van twee bouwcontainers en een watercontainer op een perceel. Appellant stelde beroep in tegen deze weigering. Twee containers werden verwijderd, maar één container bleef aanwezig en kon eenvoudig worden teruggeplaatst, waardoor appellant voldoende procesbelang behield.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de container een bouwwerk is waarvoor een bouwvergunning vereist is, welke niet is verleend. Het college kon daarom handhavend optreden. De Afdeling stelde dat het bestuursorgaan in beginsel van deze bevoegdheid gebruik moet maken, tenzij bijzondere omstandigheden zoals concreet uitzicht op legalisatie of disproportionaliteit van handhaving aanwezig zijn.
Omdat geen concreet uitzicht op legalisatie bestond en het college geen tijdelijke vergunning verleende om administratief-economische redenen, was tijdelijkheid geen bijzondere omstandigheid om af te zien van handhaving. De Afdeling vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het beroep gegrond. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit van het college tot weigering van handhaving is vernietigd.