ECLI:NL:RVS:2005:AT1966
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom voor bodemverontreiniging door onrechtmatig storten afvalstoffen
De zaak betreft een beroep van Ontwikkelingsmaatschappij Hoogmade B.V. tegen het college van burgemeester en wethouders van Jacobswoude, dat lasten onder dwangsom oplegde wegens het op of in de bodem brengen van afvalstoffen op meerdere locaties in strijd met de Wet milieubeheer en bijbehorende besluiten.
De Raad van State oordeelt dat de grond die op de bodem is gebracht als afvalstoffen moet worden aangemerkt, omdat sprake is van het zich ontdoen van deze stoffen, ondanks dat de grond voldoet aan eisen van het Bouwstoffenbesluit. Er is geen vrijstelling van het stortverbod van toepassing vanwege de vermenging met afvalstoffen uit verboden categorieën.
Appellante kon als overtreder worden aangemerkt, omdat zij opdracht gaf tot het storten en betrokken was bij de activiteiten. Wel werd geoordeeld dat het veegzand op een bepaalde locatie niet van appellante afkomstig was, zodat zij daarvoor niet als overtreder kon worden gezien.
De Raad stelt echter vast dat het bestuursorgaan niet in redelijkheid het besluit tot oplegging van de lasten onder dwangsom heeft gehandhaafd, mede gezien het lage percentage afvalstoffen en het feit dat op sommige percelen de grond al was ondergewerkt. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit tot oplegging van lasten onder dwangsom vernietigd en het primaire besluit herroepen.