ECLI:NL:RVS:2005:AT0591
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- B.J. van Ettekoven
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering standplaatsvergunning voor verkoop op Händelplein Nieuw-Vennep
Appellant verzocht om een standplaatsvergunning voor de verkoop van brood, koek en banket op zaterdagen op het Händelplein te Nieuw-Vennep, welke door het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer werd geweigerd. Het college handhaafde deze weigering in bezwaar en de voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde dat het college het toepasselijke artikel van de Algemene wet bestuursrecht onvoldoende had gemotiveerd en dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden.
De Raad van State overwoog dat de locatie niet was opgenomen in het geldende stippenplan uit 1999 en dat het college niet verplicht was dit plan periodiek te herzien of een individuele afweging te maken bij het weigeren van de vergunning. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situaties met de oliebollenkraam en de bibliotheekbus niet vergelijkbaar waren met de aangevraagde vaste standplaatsvergunning.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en wees het hoger beroep af. Tevens werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De kostenvergoeding op grond van artikel 7:15 Awb Pro werd niet toegekend omdat het besluit niet onrechtmatig was verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de standplaatsvergunning en verklaart het hoger beroep ongegrond.