ECLI:NL:RVS:2005:AS7255
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J.J. van Buuren
- C.H.M. van Altena
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vrijstelling bestemmingsplan aanleg Stroomweg en Noordelijke Stadsas
Bij besluit van 8 januari 2003 verleende appellant sub 1 vrijstelling van het bestemmingsplan voor de aanleg van de Stroomweg de Tol en een deel van de Noordelijke Stadsas. Appellant sub 2 maakte bezwaar tegen dit besluit, dat bij besluit van 3 juli 2003 ongegrond werd verklaard. De voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant sub 2 gegrond, vernietigde het besluit van 3 juli 2003 en schorste het besluit van 8 januari 2003.
Beide appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep van appellant sub 1 gegrond verklaard voor zover het de voorlopige voorziening betrof en die vernietigd. Het hoger beroep van appellant sub 2 werd ongegrond verklaard. De Afdeling bevestigde de overige onderdelen van de uitspraak van de voorzieningenrechter.
De Afdeling overwoog dat de ruimtelijke onderbouwing van het project als goed kan worden aangemerkt en dat de gebreken in het besluit tot vaststelling van hogere grenswaarden voor geluidbelasting ook gevolgen hebben voor het besluit van 27 februari 2002. De Afdeling stelde appellant sub 1 in de gelegenheid binnen 13 weken een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant sub 1 is gegrond voor zover de voorlopige voorziening wordt vernietigd en het besluit tot vrijstelling blijft van kracht onder voorwaarde van een nieuwe beslissing op bezwaar binnen 13 weken.