ECLI:NL:RVS:2005:AS6189
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Rechtspraak.nl
Vernietiging milieuvergunning wegens onvoldoende kennisgeving aan belanghebbenden
Bij besluit van 26 juli 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Hengelo een milieuvergunning voor de verkoop en tijdelijke opslag van consumentenvuurwerk op een perceel in Hengelo. Appellanten stelden beroep in tegen dit besluit, onder meer vanwege onvoldoende kennisgeving aan belanghebbenden in de directe omgeving.
De Raad van State oordeelde dat appellanten die geen bedenkingen tegen het ontwerp van het besluit hadden ingebracht, niet ontvankelijk waren, tenzij hen redelijkerwijs niet kon worden verweten geen bedenkingen te hebben ingebracht. Voor een deel van de appellanten was dit het geval, omdat zij niet persoonlijk of adequaat waren geïnformeerd via een niet op naam gestelde kennisgeving, terwijl dit volgens de Wet milieubeheer wel vereist was.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de kennisgeving niet aan alle gebruikers binnen de directe omgeving was toegezonden, waaronder gebruikers van bebouwde eigendommen binnen 120 meter van de inrichting. Hierdoor was het besluit in strijd met artikel 13.4 van de Wet milieubeheer tot stand gekomen. Omdat niet was gebleken dat belanghebbenden hierdoor niet waren benadeeld, werd de schending niet gepasseerd. Het beroep werd daarom voor zover ontvankelijk gegrond verklaard en het besluit vernietigd.
De gemeente Hengelo werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten. De overige gronden van beroep behoefden geen bespreking meer.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk, deels gegrond verklaard en het milieuvergunningsbesluit vernietigd wegens onvoldoende kennisgeving aan belanghebbenden.