ECLI:NL:RVS:2005:AS4704
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- C.H.M. van Altena
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nadeelcompensatie wegens reconstructie Vliet te Leeuwarden
Appellant opende in september 1999 een slagerij in Leeuwarden en sloot deze een jaar later. Hij verzocht de gemeente Leeuwarden om nadeelcompensatie wegens omzetverlies door de reconstructie van het Noord- en Zuidvliet. De gemeente wees dit verzoek af, wat ook na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd bevestigd.
De Raad van State overwoog dat appellant voorafgaand aan de overname van de slagerij niet had geïnformeerd naar planologische ontwikkelingen, terwijl de reconstructieplannen reeds bekend en genomen waren. Hierdoor was het voor appellant voorzienbaar dat de reconstructie zijn bedrijfsvoering zou beïnvloeden en dat het risico van het nadeel voor zijn rekening kwam.
De vertraging in de afronding van de reconstructie was niet relevant omdat de slagerij toen al gesloten was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van nadeelcompensatie bevestigd.