ECLI:NL:RVS:2005:AS2163
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- M.H. Broodman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering toestemming particuliere beveiligingswerkzaamheden wegens onvoldoende betrouwbaarheid
De korpschef van het regionale politiekorps Utrecht heeft aan Brink's Nederland B.V. de toestemming onthouden voor het door appellant verrichten van particuliere beveiligingswerkzaamheden op grond van artikel 7, tweede lid, van de Wpbr. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de korpschef werd afgewezen. De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde dat de korpschef ten onrechte het vijfde lid van artikel 7 Wpbr Pro aan zijn besluit ten grondslag had gelegd, omdat geen verzoek om toestemming was gedaan maar sprake was van tussentijdse toetsing. De Raad van State oordeelde dat de toestemming samenvalt met de geldigheidsduur van het legitimatiebewijs en dat hernieuwde toestemming vereist is na afloop daarvan. De criteria voor betrouwbaarheid zoals neergelegd in de circulaire bij de Wpbr zijn niet onjuist toegepast.
Vaststaat dat appellant eerder is veroordeeld voor het in strijd met de Opiumwet in bedrijf hebben van een hennepkwekerij en een transactie is aangegaan voor rijden onder invloed. De korpschef heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om van de circulaire af te wijken vanwege de ernst van de feiten en recidive. De Raad van State ziet geen grond om dit oordeel te wijzigen en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Het beroep op het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel faalt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van toestemming voor particuliere beveiligingswerkzaamheden aan appellant wegens onvoldoende betrouwbaarheid.