ECLI:NL:RVS:2004:AR7537
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij revisievergunning opslag consumentenvuurwerk te Breda
Bij besluit van 9 september 2004 verleende het college van burgemeester en wethouders van Breda een revisievergunning aan Plus 100 B.V. voor opslag en verkoop van 5,54 ton consumentenvuurwerk op een locatie in Breda. Verzoekers dienden hiertegen beroep in en verzochten om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 23 november 2004 en oordeelde dat een deel van het beroep niet-ontvankelijk zou zijn omdat verzoekers niet tijdig bedenkingen hadden ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Verder werd geoordeeld dat de aanwezigheid van de inrichting niet in strijd was met het milieubelang, en dat de maximale opslag van vuurwerk in de bufferbewaarplaats beperkt was tot 1,75 ton conform de aanvraag.
Een belangrijk punt was dat niet voldaan werd aan de veiligheidsafstand tussen de opslag en een woning aan de Zonstraat 4. De vergunninghoudster was voornemens een verticale scheidingsconstructie te plaatsen die aan de wettelijke eisen voldoet, maar dit was niet verplicht gesteld in de vergunning. De Voorzitter legde daarom een voorlopige voorziening op die deze verplichting voorschrijft.
Andere bezwaren, zoals het ontbreken van een volledige sprinklerinstallatie in de verkoopruimte, de afstand tot ontvlambare stoffen, en de bereikbaarheid voor de brandweer, werden niet gegrond verklaard. Ook werd vastgesteld dat de milieuvergunning pas in werking treedt na verlening van de bouwvergunning.
Tot slot werd het verzoek om voorlopige voorziening gedeeltelijk toegewezen, het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan verzoekers.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening gedeeltelijk toegewezen met verplichting tot het plaatsen van een verticale scheidingsconstructie tussen opslag en woning.