ECLI:NL:RVS:2004:AR7106
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H. Troostwijk
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen dwangsombewoningsverbod tijdelijke woning
Het college van burgemeester en wethouders van Deurne legde appellant bij besluit van 11 september 2003 een dwangsom op om de bewoning van een tijdelijke woning aan een locatie te staken binnen één jaar. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de voorzieningenrechter, dat eveneens ongegrond werd verklaard.
Appellant stelde bij de Raad van State hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening. De Raad stelde vast dat appellant niet had voldaan aan de eis van artikel 6:5 Awb Pro door het niet indienen van de gronden van het hoger beroep. Appellant werd in de gelegenheid gesteld dit te herstellen, maar faalde hierin.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de Voorzitter en een ambtenaar van Staat op 3 december 2004.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.