ECLI:NL:RVS:2004:AR6746
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.M. van Angeren
- P.C.E. van Wijmen
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Intrekking vergunning varkensfokkerij wegens niet-gebruik gedurende drie jaar
Verweerder heeft op 26 september 2002 de vergunning voor een varkensfokkerij, verleend op 7 april 1997, ingetrokken op grond van artikel 8.25 van de Wet milieubeheer vanwege het niet gebruiken van de vergunning gedurende drie achtereenvolgende jaren.
Appellant stelde dat de intrekking onterecht was omdat hij de vergunning nodig had voor een beroep op de Ruimte-voor-Ruimte-regeling. Verweerder baseerde de intrekking op het agrarisch milieubeleidsplan dat voorschrijft dat vergunningen worden ingetrokken als het vergunde aantal dieren drie jaar niet aanwezig is geweest, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat gedurende drie achtereenvolgende jaren geen dieren op het perceel zijn gehouden en dat appellant geen concreet beroep had gedaan op de Ruimte-voor-Ruimte-regeling. Daarom was de intrekking redelijk en in overeenstemming met het beleid. Het beroep werd ongegrond verklaard en er was geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de milieuvergunning wordt ongegrond verklaard.