ECLI:NL:RVS:2004:AR5458
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- W. van den Brink
- E.J. Nolles
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning voor berging bij gemeentelijk monument ondanks strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort verleende op 17 maart 2004 een bouwvergunning voor het plaatsen van een berging bij een schoolgebouw op een perceel met de aanduiding 'gemeentelijk monument'. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, stellende dat de bouw in strijd was met het bestemmingsplan "Berg 2003" omdat de berging buiten het bebouwingsvlak zou worden geplaatst en dat vrijstelling niet mogelijk was vanwege de monumentaanduiding.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellanten ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat ondanks het ontbreken van een vrijstellingsmogelijkheid in het bestemmingsplan vanwege de monumentaanduiding, een vrijstelling op grond van artikel 19, derde lid, van de WRO mogelijk is wanneer aan de voorwaarden van het Bro 1985 wordt voldaan.
De Raad van State stelde dat het college het belang van de school om extra opslagruimte te creëren terecht zwaarder heeft gewogen dan de belangen van appellanten, mede ondersteund door een positief advies van monumentenzorg. Ook werd geoordeeld dat de locatiekeuze niet onredelijk was en dat een alternatieve locatie niet aannemelijk een beter resultaat met minder bezwaren zou opleveren.
Gelet op deze overwegingen en het ontbreken van zwaarwegende nadelige gevolgen voor appellanten, werd het hoger beroep ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. De uitspraak van de voorzieningenrechter werd bevestigd zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de bouwvergunning met vrijstelling is bevestigd.