ECLI:NL:RVS:2004:AR3808
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- G.A.A.M. Boot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gemeente Soest over gebruik perceel als gras- en hooiland
Het college van burgemeester en wethouders van Soest legde appellant een last onder dwangsom op om het gebruik van zijn perceel als grasland/weiland te beëindigen en de erfafscheiding te verwijderen. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, waarbij het college het bezwaar tegen de verwijdering van de erfafscheiding gegrond verklaarde, maar het bezwaar tegen het beëindigen van het gebruik van het perceel als grasland/weiland ongegrond verklaarde. De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde dat het perceel niet als weiland, maar als gras- en hooiland wordt gebruikt, wat volgens hem niet in strijd is met het bestemmingsplan. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het bestemmingsplan onder akkerbouw ook grasland voor hooiopbrengst omvat, en dat appellant het perceel niet bedrijfsmatig gebruikt, maar hobbymatig. Hierdoor is sprake van strijd met het bestemmingsplan, maar het college heeft dit niet gemotiveerd in de beslissing op bezwaar.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college voor zover het bezwaar ongegrond werd verklaard. Het college moet een nieuwe beslissing nemen met inachtneming van deze uitspraak. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college wordt vernietigd voor zover het bezwaar ongegrond is verklaard.