ECLI:NL:RVS:2004:AR3339
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor vellen van beuken wegens gevaar openbare veiligheid
Het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg verleende op 27 februari 2002 een vergunning voor het vellen van twee beuken in het park Arentsburgh. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college en later door de rechtbank ongegrond werd verklaard.
Appellanten stelden dat het college onvoldoende zorgvuldig had gehandeld en dat de vergunning onterecht was verleend. De Raad van State oordeelde dat het college op basis van deskundigenberichten terecht had vastgesteld dat de beuken een risico vormen voor de openbare veiligheid, omdat het mogelijk is dat kroondelen afbreken of de bomen omvallen.
De Raad van State stelde vast dat het college het gevaar voor de openbare veiligheid terecht zwaarder heeft laten wegen dan de natuur- en landschapswaarden van de bomen. De eerdere vergunningen op grond van de Monumentenwet 1988 waren niet aan de orde in deze procedure. Het hoger beroep van appellanten werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor het vellen van de beuken blijft in stand.