ECLI:NL:RVS:2004:AQ6041
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. Dolman
- H.E. Troost
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen ontgrondingsvergunning voor aanleg natuurvijver nabij ecologische verbindingszone
Verweerder verleende op 25 november 2003 een vergunning voor het ontgronden van een perceel ten behoeve van de aanleg van een natuurvijver van circa 3000 m2. Appellant stelde dat de vergunning onrechtmatig was omdat de ontgronding in strijd zou zijn met het bestemmingsplan en de verklaring van geen bezwaar volgens artikel 19 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening, mede omdat de vijver zou dienen voor een hoveniersbedrijf dat niet op die locatie is toegestaan.
De Raad overwoog dat het gemeentebestuur van Nuenen planologische medewerking had verleend door een verklaring van geen bezwaar en een vrijstelling van het bestemmingsplan. De ontgrondingsvergunning was niet in strijd met deze besluiten. Verder was er geen grond om aan te nemen dat via de vijver het hoveniersbedrijf werd gevestigd, en de vergunning bevatte voorschriften ter bescherming van de nabijgelegen ecologische verbindingszone, zoals het verwijderen van een hek en het aanpassen van het beplantingsplan.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat verweerder het besluit in redelijkheid heeft kunnen nemen en dat het beroep ongegrond is. Er was geen sprake van strijd met het recht of een onzorgvuldige besluitvorming. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de ontgrondingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft van kracht.