ECLI:NL:RVS:2004:AQ3678
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging bouwvergunning metrostation Rokin wegens onvoldoende motivering veiligheidsniveau en welstand
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam verleende een bouwvergunning voor het metrostation Rokin. De Vereniging De Bovengrondse maakte bezwaar en stelde beroep in tegen de vergunning. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, waarna het college een nieuw besluit nam dat het bezwaar opnieuw ongegrond verklaarde.
Het college en de gemeente stelden hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het bouwplan een gelijkwaardig veiligheidsniveau bood, mede gelet op de instemming van de Brandweer Amsterdam en berekeningen over de rook- en warmtevrije zones. Wel was er sprake van een motiveringsgebrek over de breedte van de roltrappen, wat grond gaf voor vernietiging van het besluit.
Daarnaast werd geoordeeld dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het afweek van het negatieve advies van de welstandscommissie, wat in het nieuwe besluit wel voldoende was onderbouwd. Het college had terecht het bezwaar ongegrond verklaard in het latere besluit. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd met verbeterde gronden, en het beroep tegen het latere besluit ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met verbetering van de gronden; het beroep tegen het besluit van 4 maart 2004 wordt ongegrond verklaard.