ECLI:NL:RVS:2004:AQ1102
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- M.A.G. Stolker
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging vergunning overgangstermijn luchtondersteunde spuit
Bij besluit van 29 augustus 2003 verleende het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier aan appellant een vergunning op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren voor het lozen van afvalstoffen op oppervlaktewater. Appellant maakte bezwaar tegen de onderzoeksverplichting in voorschrift 9, met name tegen de overgangstermijn tot 1 januari 2004 voor het gebruik van zijn luchtondersteunde spuitapparatuur.
Appellant stelde dat het onredelijk bezwarend was om een kostbaar onderzoek te moeten uitvoeren terwijl zijn apparatuur vergelijkbaar is met een ander systeem waarvoor die verplichting niet geldt. Tevens wees hij op verschillen in normering bij andere waterschappen en het feit dat zijn apparatuur nog niet was afgeschreven.
De Afdeling oordeelde dat de onderzoeksverplichting zelf niet onredelijk is, omdat appellant een alternatief pakket van maatregelen heeft samengesteld en het op zijn weg ligt aan te tonen dat hiermee aan de norm wordt voldaan. Wel stelde de Afdeling vast dat de overgangstermijn in het besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid tot stand was gekomen en vernietigde deze. De overgangstermijn werd verlengd tot 1 januari 2005.
Het beroep werd daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard, voor het overige ongegrond. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: De overgangstermijn in vergunningvoorschrift 9 wordt verlengd tot 1 januari 2005, het beroep wordt verder ongegrond verklaard.