ECLI:NL:RVS:2004:AP4676
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid appellant in bezwaar tegen bouwvergunning centrumvoorziening
Het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden verleende op 9 november 2001 een bouwvergunning en vrijstelling voor een centrumvoorziening met verblijfseenheden op een perceel te Reusel-De Mierden. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde dit bezwaar op 3 oktober 2002 ongegrond. De rechtbank 's-Hertogenbosch vernietigde dit besluit en verklaarde appellant alsnog niet-ontvankelijk in zijn bezwaar.
Appellant stelde zich op het standpunt dat hij wel als belanghebbende bij het besluit moest worden aangemerkt, omdat hij in de nabijheid van het perceel woont en zijn woning minder stevig gefundeerd zou zijn dan andere woningen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat appellant geen persoonlijk, van andere inwoners te onderscheiden belang heeft bij het besluit. Ook het gebruik van de Hoogstraat door verkeer van en naar de vergunninghoudster en de versmalling van de straat ter plaatse van de woning van appellant rechtvaardigen geen ander oordeel.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van appellant ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak op 30 juni 2004.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.