ECLI:NL:RVS:2004:AP3494
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.G. Drupsteen
- R.H. Lauwaars
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vergunning voor tijdelijk baggerspeciedepot in Roosendaal bevestigd ondanks milieu- en overlastbezwaren
Bij besluit van 7 oktober 2003 verleende verweerder aan de gemeente Roosendaal een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een tijdelijk baggerspeciedepot. Tegen dit besluit stelden twee appellanten beroep in bij de Raad van State. Appellant sub 1 trok een deel van zijn beroep in en werd voor een ander deel niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van bedenkingen tegen het ontwerpbesluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de zaak op 27 mei 2004 behandeld en overwogen dat de vergunning slechts geweigerd kan worden indien nadelige milieugevolgen niet kunnen worden voorkomen of voldoende beperkt. De nadelige gevolgen voor bodem en natuurwaarden zijn door verweerder voldoende ondervangen, mede door voorschriften voor monitoring en herstel van bodemkwaliteit.
Bezwaren over geur- en stofoverlast zijn niet overtuigend onderbouwd. Verweerder heeft maatregelen voorgeschreven voor het geval van onverwachte overlast. De Afdeling oordeelt dat verweerder binnen zijn beoordelingsvrijheid heeft gehandeld en verklaart de beroepen, voor zover ontvankelijk, ongegrond.
Uitkomst: Het beroep is deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond verklaard, waardoor de vergunning is bevestigd.