ECLI:NL:RVS:2004:AO9195
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Brink
- J.G.C. Wiebenga
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning gronddepot wegens onzorgvuldige voorbereiding geluidsonderzoek
Bij besluit van 16 april 2003 verleende het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een gronddepot voor tijdelijk grondopslag op een perceel in Nieuwendam. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde dat de geluidgrenswaarden niet naleefbaar zouden zijn en dat bepaalde geluidsmaatregelen onterecht niet waren voorgeschreven.
De Raad van State overwoog dat de vergunningverlening gebaseerd was op akoestische rapporten die niet alle geluidbronnen meenamen en dat belangrijke maatregelen, zoals het plaatsen van een geluidscherm, niet waren voorgeschreven. Tevens was onduidelijk welke bedrijfsduur van de inrichting was aangenomen, terwijl dit essentieel is voor de geluidbelasting. Een nader akoestisch rapport hield bovendien geen rekening met de vergunde situatie.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat het besluit in strijd was met artikel 3:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht vanwege onzorgvuldige voorbereiding. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Daarnaast werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor het gronddepot wordt vernietigd wegens onzorgvuldige voorbereiding en onvoldoende duidelijkheid over geluidbelasting.