ECLI:NL:RVS:2004:AO9191
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Konijnenbelt
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- P.C.E. van Wijmen
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging vergunning lozing oppervlaktewater wegens onzorgvuldige voorschriften spuittechniek
Verweerders verleenden aan appellante een vergunning op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren voor het lozen van afvalstoffen op oppervlaktewater. Appellante stelde beroep in tegen de vergunning, met name tegen de breedte van de spuit- en teeltvrije zones en de verplichting tot gebruik van kantdoppen bij bespuiting.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de spuit- en teeltvrije zones redelijk zijn vastgesteld op basis van het CIW-rapport en aanvullende onderzoeksgegevens. De spuittechniek van appellante kwalificeert als driftarm, waarvoor een minimale zone van 1,5 meter passend is. De opgelegde zones van 2,25 en 3,75 meter zijn daarom gegrond.
Echter oordeelde de Afdeling dat het voorschrift dat bij bespuiting kantdoppen moeten worden gebruikt onzorgvuldig is voorbereid. Verweerders onderzochten niet of kantdoppen op de AirJet spuit konden worden aangebracht, noch of dit noodzakelijk was voor milieubescherming. Dit is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel en artikel 3:2 van Pro de Awb.
Het beroep is daarom gedeeltelijk gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor het voorschrift over kantdoppen. Verder is appellante in de proceskosten en griffierecht tegemoetgekomen.
Uitkomst: Het besluit wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onzorgvuldige voorschriften omtrent kantdoppen bij de AirJet spuittechniek.