ECLI:NL:RVS:2004:AO8867
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over weigering openbaarmaking doorrekeningen CPB op grond van Wob
Appellant verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van doorrekeningen van het Centraal Planbureau (CPB) die zijn gebruikt bij informatieonderhandelingen tussen politieke fracties. De Minister van Algemene Zaken weigerde dit verzoek met het argument dat hij niet beschikt over de gevraagde documenten. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven.
In hoger beroep bij de Raad van State betoogde appellant dat de Minister verantwoordelijk is voor deze documenten, mede vanwege de staatsrechtelijke positie van informateurs. De Raad van State oordeelde dat informateurs geen onderdeel zijn van het Ministerie van Algemene Zaken en geen bestuursorgaan vormen. Daarom berusten de documenten niet bij de Minister en vallen zij niet onder de Wob.
De Raad van State bevestigde dat de Minister niet verplicht is documenten die niet bij hem berusten te vergaren of openbaar te maken. Ook is er geen verwijzingsplicht naar de informateurs, aangezien deze geen bestuursorgaan zijn. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.