ECLI:NL:RVS:2004:AO6548
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- H. Beekhuis
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen vaststelling hogere grenswaarden wegverkeerslawaai bij reconstructie Rijksweg A2
Bij besluit van 8 februari 1999 stelde het college van gedeputeerde staten van Utrecht hogere grenswaarden voor wegverkeerslawaai vast voor 14 woningen in de gemeente Breukelen in het kader van de reconstructie van Rijksweg A2. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit, dat ongegrond werd verklaard. Na vernietiging van dit besluit door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in 2001, stelde verweerder bij een nieuw besluit van 20 mei 2003 opnieuw hogere grenswaarden vast en verklaarde het bezwaar ongegrond. Hiertegen stelde appellanten beroep in.
Appellanten betwistten met name de toepassing van een aftrek van 3 dB(A) op grond van artikel 103 van Pro de Wet geluidhinder, stellende dat een lagere aftrek meer in overeenstemming zou zijn met de werkelijke geluidafname. De Afdeling oordeelde dat de wettelijke regeling en overgangsrecht van het Reken- en meetvoorschrift wegverkeerslawaai 2002 (RMV 2002) de toepassing van 3 dB(A) aftrek rechtvaardigen, en dat geen lokale omstandigheden waren die hiervan afweken.
Verder voerden appellanten aan dat verweerder niet zorgvuldig te werk was gegaan en dat de verkeersprognoses onjuist waren. De Afdeling stelde vast dat verweerder zorgvuldig had gehandeld, onder meer door het inschakelen van een adviescommissie, en dat de gehanteerde prognoses de best beschikbare waren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vaststelling van hogere grenswaarden wegverkeerslawaai wordt ongegrond verklaard.