ECLI:NL:RVS:2004:AO6096
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- A.W.M. Bijloos
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete opgelegd aan ARN B.V. wegens overtreding Arbowet na arbeidsongeval
Op 3 januari 2002 legde de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan ARN B.V. een bestuurlijke boete van ƒ 6.000,- op wegens overtreding van artikel 16, negende lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 in verbinding met artikel 3.2, eerste lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Deze boete hield verband met een arbeidsongeval op 21 september 2000 waarbij een werkvoorbereider van ARN B.V. ernstig letsel opliep door een val in een slakkenschacht.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van ARN B.V. tegen de boete gegrond en vernietigde het besluit op bezwaar. De rechtbank oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat ARN B.V. tekort was geschoten in haar toezichthoudende taak en dat de werkvoorbereider zelf een toezichthoudende taak had, waardoor de boete niet toerekenbaar was.
De Raad van State oordeelt echter dat verwijtbaarheid een vereiste is voor het opleggen van een bestuurlijke boete en dat de toezichthoudende taak van de werkvoorbereider niet zodanig specifiek was dat hij de coördinator/bedrijfsleider en veiligheidsdeskundige volledig verving. Aangezien bevoegde veiligheidstoezichthouders niet aanwezig waren ten tijde van het ongeval, was er onvoldoende toezicht, waardoor de overtreding onverkort aan ARN B.V. kan worden toegerekend.
De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van ARN B.V. ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van ARN B.V. wordt ongegrond verklaard en de bestuurlijke boete blijft gehandhaafd.