ECLI:NL:RVS:2004:AO6082
Raad van State
- Hoger beroep
- C. de Gooijer
- J.A.M. van Angeren
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergoeding kosten geluidwerende isolatie woning
De Minister van Verkeer en Waterstaat had aan appellant meegedeeld dat zijn woning in aanmerking kwam voor geluidwerende voorzieningen op kosten van het rijk. Appellant had echter zelf al gedeeltelijk isolatie aangebracht en vorderde vergoeding van deze kosten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
Appellant stelde dat hij op grond van eerdere mededelingen van de Minister en derden mocht vertrouwen dat zijn woning buiten het geluidsisolatieproject viel. Dit beroep op het vertrouwensbeginsel werd door de Raad van State verworpen, omdat de eerdere communicatie geen concrete toezeggingen op perceelsniveau inhield en de Minister niet betrokken was bij isolatieprojecten van derden.
Voorts betwistte appellant dat zijn woning niet voor gedeeltelijke isolatie in aanmerking kwam. De Raad van State oordeelde dat de Minister terecht stelde dat isolatie van alleen het dak onvoldoende was om aan de wettelijke geluidweringseisen te voldoen. Het door de Minister verrichte onderzoek werd als deugdelijk beoordeeld.
De Raad van State concludeerde dat het besluit van de Minister om het bezwaar van appellant ongegrond te verklaren terecht was en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.