ECLI:NL:RVS:2004:AO5697
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- J.R. Schaafsma
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Vergunning voor uitbreiding inrichting verwerking afvalstoffen bevestigd ondanks bezwaren geur, geluid en stof
Bij besluit van 3 april 2003 verleende de provincie Zuid-Holland een veranderingsvergunning aan TVV voor uitbreiding van een inrichting voor de verwerking van afvalstoffen. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning vanwege vermeende onvoldoende gegevens over stofhinder, geluidsoverlast, geurbelasting en de noodzaak van een milieu-effectrapport (mer).
De Raad van State oordeelde dat de aanvraag voldeed aan de wettelijke eisen en dat de beoordelingsmethoden voor geur en geluid, waaronder het gebruik van rekenmodellen en het Nieuw Nationaal Model voor geurverspreiding, als actueel en betrouwbaar konden worden beschouwd. De geluidgrenswaarden uit de oprichtingsvergunning bleven van kracht en werden niet overschreden. Tevens was het niet noodzakelijk een mer op te stellen, omdat de technische capaciteit van de inrichting niet werd uitgebreid.
Verder concludeerde de Raad dat de voorschriften uit de oprichtingsvergunning, waaronder die ter voorkoming van stofhinder, ook van toepassing zijn op de uitbreiding. De bezwaren over verkeersoverlast en onjuiste datums werden ingetrokken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de vergunning bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de veranderingsvergunning is ongegrond verklaard en de vergunning bevestigd.