ECLI:NL:RVS:2004:AO5209
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- P.A. Offers
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuursdwangbesluit burgemeester Deventer inzake exploitatie coffeeshop zonder vergunning
De burgemeester van Deventer heeft bij besluit van 23 december 2002 een eerdere last onder dwangsom ingetrokken en bestuursdwang opgelegd om de exploitatie van een coffeeshop aan een locatie in Deventer te staken en het pand gesloten te houden. Appellant voerde aan dat het pand als woning werd gebruikt en dat de burgemeester de waarborgen van artikel 174a, derde lid, van de Gemeentewet niet in acht had genomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het pand als een voor het publiek toegankelijk lokaal werd gebruikt en dat de burgemeester terecht bestuursdwang toepaste. Dit oordeel was gebaseerd op controles waarbij personen werden aangetroffen die softdrugs gebruikten, en op inbeslaggenomen goederen die duidden op exploitatie van een coffeeshop. De stelling van appellant dat het pand enkel als woning diende en dat de softdrugs voor eigen gebruik waren, werd verworpen.
De Raad van State sluit zich aan bij de beoordeling van de voorzieningenrechter en stelt vast dat het pand niet als woning wordt gebruikt. De burgemeester was bevoegd bestuursdwang toe te passen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening omdat appellant geen exploitatievergunning had. De aangevoerde omstandigheden door appellant rechtvaardigen geen ander oordeel.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestuursdwangbesluit van de burgemeester wordt bevestigd.