ECLI:NL:RVS:2004:AO2015
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- J.E.M. Polak
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning strandpaviljoen wegens strijd met bestemmingsplan bevestigd
Het college van burgemeester en wethouders van de voormalige gemeente Westerschouwen weigerde op 14 oktober 1996 een vergunning voor het plaatsen van een strandpaviljoen nabij een natuurgebied. Na diverse bezwaar- en beroepsprocedures, waarbij de rechtbanken eerdere besluiten vernietigden en het college nieuwe besluiten nam, werd uiteindelijk op 7 juni 2002 de weigering gehandhaafd wegens strijd met het bestemmingsplan.
Appellante stelde in hoger beroep dat het college het gelijkheidsbeginsel had geschonden omdat na 1996 meerdere vergunningen werden verleend zonder bestemmingsplantoets en dat haar locatie niet uit planologisch oogpunt ongewenst was. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de beoordeling moet plaatsvinden op basis van de feiten en beleidsregels ten tijde van het laatste besluit, waarbij het beleid steeds het plaatsen van strandpaviljoens nabij natuurgebieden als ongewenst beschouwde.
De Afdeling concludeerde dat het college binnen zijn beleidsvrijheid heeft gehandeld en dat er geen sprake is van strijd met het gelijkheidsbeginsel. Ook het argument dat het college had moeten aangeven waar wel strandpaviljoens toegestaan zijn, werd verworpen omdat de aanvraag slechts betrekking had op één locatie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bevestigd.