ECLI:NL:RVS:2003:AO0960
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Th.G. Drupsteen
- J. Heijerman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot handhaving milieuvergunning impregneren hout
Verzoekers deden een verzoek aan het college van burgemeester en wethouders van Sint-Oedenrode om bestuurlijke handhavingsmiddelen toe te passen tegen een vergunninghoudster die hout impregneert en dit verkoopt. Dit verzoek werd op 25 februari 2003 afgewezen en het bezwaar daarop ongegrond verklaard.
Verzoekers stelden dat de milieuvergunning uit 1991 voor een houtzagerij en houthandel niet meer toereikend was, omdat de milieuhygiënische gevolgen van geïmpregneerd hout in gebruiks- en afvalfase niet waren meegenomen. Zij vonden dat de vergunning geactualiseerd had moeten worden op grond van de Wet milieubeheer en dat het college ten onrechte geen last onder dwangsom had opgelegd.
De Voorzitter oordeelde dat de milieuhygiënische gevolgen van geïmpregneerd hout niet kunnen worden toegerekend aan het in werking zijn van de inrichting en dat dit niet is veranderd door de Wet milieubeheer. Er waren geen aanwijzingen dat voorschriften niet werden nageleefd of dat er activiteiten zonder vergunning plaatsvonden. Daarom was het college niet bevoegd tot handhaving en was de afwijzing terecht. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het college niet bevoegd was tot handhaving.