ECLI:NL:RVS:2003:AN9210
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen dwangsom bouwwerkzaamheden
Het college van burgemeester en wethouders van Deventer legde appellant een dwangsom op wegens het niet staken van bouwwerkzaamheden op een perceel. Appellant diende een brief in die de rechtbank onterecht niet als bezwaarschrift tegen het dwangsom-besluit beschouwde en verklaarde het bezwaar van 4 oktober 2002 niet-ontvankelijk.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de brief van 23 mei 2002 wel degelijk als bezwaarschrift moet worden aangemerkt, ondanks dat deze niet rechtstreeks aan het college was gericht en niet aan alle formele eisen voldeed. De rechtbank heeft hierdoor onjuist geoordeeld.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt het besluit dat gelijkstaat aan het niet tijdig beslissen op het bezwaar. Tevens veroordeelt zij het college tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant.
De zaak betreft de juiste behandeling van een bezwaar tegen een dwangsom opgelegd door het college, waarbij het belang van een correcte procedure en het recht op bezwaar centraal staan.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het college veroordeeld tot proceskostenvergoeding en griffierechtteruggave.