ECLI:NL:RVS:2003:AN8845
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning voor woning met bedrijfsgebouw op perceel met bestemming houtverwerkingsbedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Voorst heeft op 26 juni 2001 een bouwvergunning geweigerd voor de bouw van een woning met bedrijfsgebouw op een perceel met de bestemming houtverwerkingsbedrijf. Appellante maakte bezwaar tegen deze weigering, waarbij het college het bezwaar deels gegrond verklaarde voor het bedrijfsgebouw, maar de weigering voor de woning handhaafde.
De rechtbank te Zutphen verklaarde het beroep van appellante tegen de weigering van de bouwvergunning voor de woning ongegrond. Appellante stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft bij zitting op 11 november 2003 het hoger beroep behandeld.
De Afdeling oordeelde dat het bestemmingsplan “partiële herziening van het bestemmingsplan Buitengebied ten behoeve van het perceel” van 1991 van kracht was en dat op het perceel de bestemming houtverwerkingsbedrijf rust. De planvoorschriften staan slechts één dienstwoning toe op een specifieke op de plankaart aangegeven locatie, waar reeds een bedrijfswoning was opgericht en afgesplitst. Het perceel had in het latere bestemmingsplan “Buitengebied 1996” de aanduiding “geen bedrijfswoning toegestaan”.
De Afdeling verwierp het betoog van appellante dat het college onterecht de bouwvergunning had geweigerd en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding om de beslissing op bezwaar te vernietigen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de bouwvergunning en verklaart het hoger beroep ongegrond.