ECLI:NL:RVS:2003:AN8342
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- R. van Heusden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning wegens onvoldoende motivering bodembeschermende voorschriften
Het college van burgemeester en wethouders van Purmerend verleende op 25 maart 2003 een revisievergunning aan appellante voor een constructie-, toeleverings- en lasbedrijf. Appellante stelde beroep in tegen de aan de vergunning verbonden voorschriften die een vloeistofdichte vloer vereisten ter bescherming van de bodem.
Appellante voerde aan dat een combinatie van lekbakken, vloeistofkerende vloer en beheersmaatregelen een gelijkwaardig milieubeschermingsniveau bood tegen lagere kosten. Verweerder stelde dat de voorgeschreven vloeistofdichte vloer de grootst mogelijke bescherming bood en handhaafbaar was, mede vanwege het ontbreken van een milieuzorgsysteem.
De Raad van State oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de vloeistofdichte vloer in dit concrete geval meer milieubescherming bood dan het door appellante gewenste maatregelenpakket, dat volgens de gehanteerde richtlijn in principe gelijkwaardig was. De motivering over rechtszekerheid en handhaafbaarheid was te algemeen en niet concreet toegespitst.
Daarom werd het besluit vernietigd wegens strijd met het motiveringsvereiste van artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Verweerder werd opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen en de proceskosten werden aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van bodembeschermende voorschriften en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.