ECLI:NL:RVS:2003:AN7267
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar pleegouderstatus en vergoeding
Appellante, pleegouder van twee minderjarigen die onder toezicht stonden van een gezinsvoogdij-instelling, stelde bezwaar tegen besluiten waarin haar pleegouderstatus en de bijbehorende vergoeding werden erkend, maar niet conform de kwaliteitsregels van de Wet op de jeugdhulpverlening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond wegens gebrek aan procesbelang.
Appellante voerde aan dat zij financieel belang had bij de status en dat duidelijkheid hierover toekomstige discussies zou voorkomen. Tevens stelde zij dat de status van pleegouder haar meer betrokkenheid bij de opvoeding zou geven. De Raad van State oordeelde dat het financiële belang niet was aangetoond, mede omdat de vergoeding op basis van kamerverhuur hoger was dan die van pleegouderstatus en dat er geen nieuwe plaatsingen zouden plaatsvinden.
Ook het door appellante gestelde emotionele belang werd niet als voldoende procesbelang erkend. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek van de gezinsvoogdij-instelling tot veroordeling in proceskosten af, omdat er geen sprake was van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.