ECLI:NL:RVS:2003:AM5425
Raad van State
- Hoger beroep
- C. de Gooijer
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vrijstelling voor dam en ontsluitingsweg ondanks bezwaren appellant
Het college van burgemeester en wethouders van Hoorn verleende op 7 juni 2001 vrijstelling van het bestemmingsplan voor het realiseren van een dam en ontsluitingsweg achter een perceel in Hoorn. Appellant, wonende nabij het bedrijventerrein, maakte bezwaar tegen deze vrijstelling, dat door het college en later door de rechtbank te Alkmaar ongegrond werd verklaard. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat de privaatrechtelijke overeenkomst tussen het college en de vennootschap niet ter beoordeling stond en dat appellant geen belang had bij eerdere zienswijzen. De aanleg van de ontsluitingsweg was in strijd met bepaalde bestemmingen, maar de vrijstelling kon worden verleend binnen de kaders van artikel 19, tweede lid, van de WRO, zonder dat sprake was van een uitbreiding van het bedrijventerrein.
Verder oordeelde de Raad dat de ruimtelijke onderbouwing voldoende was en dat de inbreuk op het bestemmingsplan gering was. De vrees van appellant voor sluipverkeer werd ongegrond verklaard, mede omdat de weg niet openbaar is en er maatregelen worden genomen om gebruik als sluiproute te voorkomen. De vrees voor verlies van de groene bufferzone bood eveneens onvoldoende grond om de vrijstelling te weigeren.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vrijstelling voor de dam en ontsluitingsweg wordt bevestigd.