ECLI:NL:RVS:2003:AM2456
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanlijn- en muilkorfgebod voor vier herdershonden wegens gevaarlijk gedrag
Het college van burgemeester en wethouders van Venlo heeft appellant verboden zijn vier herdershonden los te laten lopen of te laten verblijven zonder muilkorf en aanlijnplicht, omdat deze honden als gevaarlijk worden beschouwd. Dit besluit is genomen op basis van meerdere bijtincidenten waarbij de honden van appellant betrokken waren, waaronder incidenten met dodelijke afloop.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde dit oordeel in haar uitspraak van 19 maart 2003. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat het college bij het opleggen van het aanlijn- en muilkorfgebod binnen zijn beoordelingsvrijheid is gebleven gezien de ernst en herhaling van de incidenten. Ook het argument van appellant dat er onderscheid had moeten worden gemaakt tussen de honden wordt verworpen, omdat appellant zelf geen onderscheid heeft gemaakt in de bezwaarfase en er geen significant verschil in gedrag of uiterlijk van de honden is gebleken.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het aanlijn- en muilkorfgebod voor de vier herdershonden van appellant wordt bevestigd.