ECLI:NL:RVS:2003:AM2381
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- R.H. Lauwaars
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bezwaar tegen overbrenging kalkslib naar Frankrijk wegens onjuiste kwalificatie
Appellante, DSM Services B.V., had kennisgeving gedaan van het voornemen om 10 miljoen kilogram steekvast kalkslib naar Frankrijk over te brengen voor nuttige toepassing als brandstof en grondstof in cementproductie. Verweerder maakte bezwaar op grond van artikel 4, derde lid, onder b, van de EVOA, stellende dat het ging om verwijdering en niet om nuttige toepassing. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het bezwaar gebaseerd was op een onjuiste kwalificatie van de afvalstoffen als verwijdering, terwijl appellante had aangegeven dat het om nuttige toepassing ging.
Het Hof van Justitie oordeelde dat voor de kwalificatie van de handeling alleen de eerste verwerkingshandeling na overbrenging telt, in dit geval de inzet als brandstof. Omdat slechts ongeveer 35% van het kalkslib (het organische deel) wordt verbrand, is er geen sprake van hoofdgebruik als brandstof volgens de kaderrichtlijn. De Afdeling concludeerde dat het bezwaar van verweerder op grond van een onjuiste opgave berustte en vernietigde het bestreden besluit.
Desondanks liet de Afdeling de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand op grond van artikel 8:72, derde lid, van de Awb. De overige beroepsgronden werden niet behandeld. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat de zaak samenhing met een andere zaak waarin verweerder reeds was veroordeeld. De griffierechten werden aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd wegens onjuiste kwalificatie, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.