ECLI:NL:RVS:2003:AI1239
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens overschrijding geschil over vergunning zelflossend beunschip
Het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis weigerde op 7 december 2000 een vergunning voor het gebruik van een zelflossend beunschip in de Tramhaven. Appellante maakte bezwaar tegen deze weigering, waarop het college op 10 augustus 2001 het bezwaar gegrond verklaarde en het besluit herroept. De rechtbank te Rotterdam verklaarde het daaropvolgende beroep van appellante gegrond en vernietigde het besluit op bezwaar.
Appellante stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank buiten de grenzen van het geschil was getreden door te oordelen dat het college ook andere publiekrechtelijke belemmeringen had moeten toetsen, terwijl appellante daartegen geen bezwaar had gemaakt. Hierdoor was het beroep niet-ontvankelijk.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde appellante niet-ontvankelijk in het beroep. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard in het beroep en het hoger beroep wordt gegrond verklaard.