ECLI:NL:RVS:2003:AI0770
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.M. Boll
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging voorschriften milieuvergunning carrosseriebedrijf wegens onvoldoende motivering
Bij besluit van 7 april 2003 heeft het college van burgemeester en wethouders van Steenbergen de voorschriften behorende bij een revisievergunning voor een carrosseriebedrijf aangevuld. Appellante stelde dat de procedure onjuist was gevolgd en dat de opgelegde voorschriften onterecht en onredelijk bezwarend waren, met name met betrekking tot bedrijfsafvalwater en vloeistofdichte vloeren.
De Voorzitter stelde vast dat de procedure met betrekking tot het ontwerpbesluit correct was gevolgd en dat de bezwaren van appellante als bedenkingen tegen het ontwerpbesluit moesten worden beschouwd. De opgelegde voorschriften 1.1 tot en met 1.4 over bedrijfsafvalwater werden als redelijk en noodzakelijk beoordeeld, mede vanwege het gebruik van gevaarlijke stoffen.
Echter, de voorschriften 2.1 tot en met 2.3, die vloeistofdichte vloeren betreffen, werden vernietigd omdat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom aanvullende voorschriften noodzakelijk waren. Uit bodemonderzoek bleek geen verontreiniging, en er was geen onderzoek gedaan naar de noodzaak van de extra voorschriften. Het beroep werd daarom gedeeltelijk gegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het besluit tot wijziging van milieuvergunningvoorschriften wordt gedeeltelijk vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent vloeistofdichte vloeren.