ECLI:NL:RVS:2003:AI0403
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- H.W. Groeneweg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugkeer naar relatief veilig deel van Somalië in asielprocedure
Appellante had beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel door de staatssecretaris van Justitie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of terugkeer naar het relatief veilige deel van Somalië als een situatie van bijzondere hardheid kon worden aangemerkt, mede gelet op toegangsbeletselen die de toegang tot dat gebied tijdelijk zouden kunnen verhinderen. Appellante stelde dat deze toegangsbeletselen door de staatssecretaris betrokken hadden moeten worden bij de beoordeling.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had overwogen dat de staatssecretaris niet gehouden was deze toegangsbeletselen mee te wegen, maar dat dit geen vernietiging van de uitspraak rechtvaardigde. Uit beschikbare informatie, waaronder brieven van de Minister van Somaliland en het Britse Home Office, kon niet worden afgeleid dat de toegangsbeletselen zodanig waren dat terugkeer in algemene zin van bijzondere hardheid was.
Daarom werd het hoger beroep kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.