ECLI:NL:RVS:2003:AI0183
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Schaafsma
- J.A.M. van Angeren
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij gedoogbesluit zandwinning
Verweerder heeft bij besluit van 14 juni 2001 het zonder vergunning in werking zijn van een zandwinning en -opslag onder voorwaarden gedoogd voor een bepaalde duur. Dit gedoogbesluit is bij besluit van 12 maart 2002 gehandhaafd, waarbij werd bepaald dat het zou eindigen uiterlijk op 1 mei 2002. Omdat het gedoogbesluit inmiddels is vervallen, heeft appellant geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
Appellant had tegen het gedoogbesluit bezwaar gemaakt, dat deels gegrond en deels ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant beroep in bij de Raad van State. Tijdens de zitting op 12 mei 2003 verscheen appellant met gemachtigde, evenals verweerder en de vergunninghouder.
De Afdeling oordeelt dat het ontbreken van procesbelang leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.