ECLI:NL:RVS:2003:AI0176
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J. Hoekstra
- J.J. Vis
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid en ongegrondheid beroep tegen goedkeuring bestemmingsplan uitbreiding woongebied Ruitersbos
De gemeenteraad van Breda stelde op 26 maart 2002 het bestemmingsplan “Uitbreiding Woongebied Ruitersbos e.o.” vast, waarna het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant het plan goedkeurde. Diverse appellanten stelden beroep in tegen dit goedkeuringsbesluit. De Raad van State oordeelde dat de beroepen van enkele appellanten niet-ontvankelijk waren omdat zij geen tijdige zienswijzen hadden ingebracht bij de gemeenteraad en de beroepen niet gericht waren tegen een onthouding van goedkeuring.
Voor het overige oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak dat het college van gedeputeerde staten zijn beoordelingsmarges niet had overschreden. Het plan voorziet in de bouw van woningen, aanleg van hockeyvelden en aanpassingen van een woonwagencentrum, waarbij onder meer standplaatsen voor woonwagens worden verplaatst. De Raad stelde vast dat de verplaatsing van de standplaatsen in lijn is met eerdere afstandseisen en dat de omvang van de standplaatsen voldoet aan de minimale oppervlaktevereisten.
Verder werd geoordeeld dat de bereikbaarheid voor de brandweer voldoende was gewaarborgd en dat het uitzicht van de appellanten niet in ernstige mate wordt belemmerd. Alternatieven voor de ligging en omvang van de standplaatsen vormden geen reden om het plan niet goed te keuren. De beroepen die ontvankelijk waren, werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen van enkele appellanten zijn niet-ontvankelijk verklaard en het ontvankelijke beroep is ongegrond verklaard, waardoor het goedkeuringsbesluit van het bestemmingsplan in stand blijft.