ECLI:NL:RVS:2003:AH9452
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Oosting
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen nadere eis geluidniveau inrichting
Verweerder stelde bij besluit van 9 oktober 2002 een nadere eis aan het equivalente geluidniveau van de inrichting van appellant, met specifieke grenswaarden voor dag, avond en nacht. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit en voerde onder meer onzorgvuldige besluitvorming en strijd met het gelijkheidsbeginsel aan.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat geen procedurele onregelmatigheden waren geconstateerd die de rechtmatigheid van het besluit in de weg stonden. Verweerder had de nadere eis aangepast op basis van het omgevingsgeluid en tegemoetgekomen aan bezwaren van appellant.
De Raad stelde vast dat het bevoegd gezag krachtens het Besluit detailhandel en ambachtsbedrijven milieubeheer bevoegd is om bij nadere eis lagere geluidgrenswaarden te stellen, ook in individuele gevallen, en dat de eis voor de gehele inrichting geldt. De eis is bovendien naleefbaar na het treffen van redelijke maatregelen.
Gelet hierop werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de nadere eis geluidniveau is ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.