ECLI:NL:RVS:2003:AH9085
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- K. Brink
- J.J. den Broeder
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen bezwaar tegen algemene kennisgeving uitvoer afvalstoffen naar Duitsland
Verzoekster, Collin B.V., wilde afvalstoffen uitvoeren naar Duitsland met toepassing van de procedure van algemene kennisgeving volgens artikel 28 van Pro Verordening 259/93/EEG. Verweerder, de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, maakte bezwaar tegen deze kennisgeving omdat niet gegarandeerd kon worden dat de afvalstoffen dezelfde fysische en chemische eigenschappen hadden, mede omdat verzoekster niet over een sorteerinstallatie beschikte.
Ter zitting beperkte verzoekster haar verzoek tot de bezwaargronden omtrent de toepassing van de algemene kennisgeving. Verweerder baseerde zijn bezwaar op paragraaf 12.6 van het Landelijk afvalbeheerplan 2002-2012, waarin staat dat afvalstoffen systematisch gesorteerd moeten worden om dezelfde samenstelling te garanderen. Verzoekster stelde dat zij wel degelijk sorteert, onder andere bij de bron en op haar terrein, en dat eerdere bezwaren van verweerder tegen vergelijkbare kennisgevingen waren verworpen.
De Voorzitter oordeelde dat het ontbreken van een sorteerinstallatie niet automatisch betekent dat de afvalstoffen niet voldoen aan de algemene kennisgeving. Verzoekster had contractuele afspraken met leveranciers over bron-scheiding en voerde manuele en mechanische sortering uit. Verweerder had de inrichting niet bezocht om dit te controleren. Het besluit van verweerder was daarom onvoldoende gemotiveerd en in strijd met de Algemene wet bestuursrecht.
De Voorzitter schorst het bestreden besluit voor zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar en veroordeelt verweerder in de proceskosten en griffierecht van verzoekster.
Uitkomst: Het bezwaar van de Staatssecretaris wordt geschorst wegens onvoldoende onderzoek en motivering, waardoor de uitvoer van afvalstoffen met algemene kennisgeving voorlopig mogelijk is.