ECLI:NL:RVS:2003:AG1696
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning en vrijstelling voor garage ondanks bezwaar omgevingsrecht
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad verleende op 8 maart 2001 een bouwvergunning en vrijstelling voor het realiseren van een garage op een perceel. Appellant, woonachtig nabij het perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college en later door de rechtbank ongegrond werd verklaard.
Appellant voerde aan dat het college in strijd met artikel 23 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening had gehandeld en dat er sprake was van een geheim bestemmingsplan. De Raad van State oordeelde dat het bestemmingsplan waarnaar appellant verwees geen betrekking had op het perceel en dat er geen aanwijzingen waren voor een geheim bestemmingsplan.
Verder stelde appellant dat het belang van verkeersveiligheid onvoldoende was meegewogen bij het verlenen van de vrijstelling. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de toename van het gebruik van de doorgang zeer beperkt zou zijn en dat het college terecht het belang van de vergunninghouder zwaarder heeft laten wegen. Ook het bezwaar tegen de erfdienstbaarheid werd verworpen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning en vrijstelling blijven gehandhaafd.