ECLI:NL:RVS:2003:AF8953
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- J.R. Schaafsma
- M. Oosting
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van besluit bestuursdwang en beperking sluiting landbouwinrichting
In deze bestuursrechtelijke zaak staat het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe centraal om bestuursdwang toe te passen tegen het zonder vergunning in werking hebben van een landbouwinrichting. Het oorspronkelijke besluit van 10 mei 2001 gelastte sluiting van de gehele inrichting. Later werd dit besluit bij brief van 15 november 2001 beperkt tot sluiting van de hallen.
Appellant maakte bezwaar tegen deze beperking en stelde dat ook het terrein bij de inrichting behoort en dat er geen zicht is op legalisering, waardoor de beperking onterecht zou zijn. Verweerder stelde dat voor de opslag van stro geen vergunning nodig is en dat het toegangshek vanwege een erfdienstbaarheid blijft gehandhaafd. Tevens werd het proportionaliteitsbeginsel aangevoerd als grondslag voor de beperking.
De Raad van State oordeelt dat op basis van de beschikbare gegevens aannemelijk is dat sluiting van de landbouwhal voldoende is om de overtreding te beëindigen. De beperking van het besluit is daarmee redelijk en proportioneel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot beperking van bestuursdwang wordt ongegrond verklaard.