ECLI:NL:RVS:2003:AF7606
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- B. van Wagtendonk
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vaststelling toetsingskader en terugwijzing in hoger beroep asielaanvraag met vestigingsalternatief Armenië
Appellanten hadden bij de Staatssecretaris van Justitie een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel, welke op 28 september 2001 werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij onder meer het vestigingsalternatief Armenië als reden aanvoerde voor afwijzing.
Appellanten stelden in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte het vestigingsalternatief als afwijzingsgrond hanteerde, terwijl dit geen onderdeel van het geschil vormde. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank dit alternatief wel terecht had betrokken bij de toetsing.
Daarnaast werd geoordeeld dat de rechtbank onvoldoende had gemotiveerd dat appellanten in redelijkheid een vestigingsalternatief in Armenië kon worden tegengeworpen, waardoor de vraag of zij vluchteling waren in het midden kon blijven. Gezien de verplichtingen uit het Vluchtelingenverdrag en artikel 3 EVRM Pro dient eerst te worden beoordeeld of sprake is van verdragsvluchteling of reëel risico bij uitzetting.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en wees de zaak terug voor nieuwe behandeling met inachtneming van deze overwegingen. De beslissing over proceskosten werd gereserveerd tot de einduitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor nieuwe behandeling.