ECLI:NL:RVS:2003:AF7223
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing hernieuwde aanvraag verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende beoordeling nieuwe feiten
Appellant diende een hernieuwde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, nadat zijn eerdere vergunning was ingetrokken wegens onjuiste of achtergehouden gegevens. De minister wees de aanvraag af en de voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde dat een brief van het Openbaar Ministerie, waarin werd aangegeven dat het 1F-dossier onvoldoende aanwijzingen bevatte om hem als verdachte aan te merken, een nieuw feit vormde dat heroverweging rechtvaardigde.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat volgens artikel 4:6 Awb Pro en het ne bis in idem-beginsel een herhaalde aanvraag zonder nieuwe feiten of veranderde omstandigheden kan worden afgewezen onder verwijzing naar het eerdere besluit. Echter, indien nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die na het eerdere besluit zijn ontstaan of niet eerder konden worden overgelegd, moet de rechter deze beoordelen.
De brief van het Openbaar Ministerie dateerde van na het eerdere besluit en kon niet op voorhand worden uitgesloten als relevant voor de toepassing van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag. De voorzieningenrechter had ten onrechte volstaan met een verwijzing naar het eerdere besluit zonder inhoudelijke beoordeling van deze brief.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd, en het besluit van de minister vernietigd wegens schending van artikel 3:46 Awb Pro. De minister werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen van de Afdeling.
Uitkomst: Het besluit van de minister tot afwijzing van de hernieuwde aanvraag verblijfsvergunning asiel is vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beoordeling.