ECLI:NL:RVS:2003:AF7027
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- H. Troostwijk
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwvergunning en vrijstellingen ondanks bezwaren over constructieberekeningen en schadegevaar
Het geschil betreft een bouwplan voor een uitbouw, een grotere garage en een erker met kelder aan een woning in Oegstgeest. Het college van burgemeester en wethouders verleende hiervoor vrijstellingen en een bouwvergunning, die door appellant en omwonenden werden bestreden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
Appellant stelde dat de bouwvergunning had moeten worden geweigerd vanwege het ontbreken van deugdelijke constructieberekeningen op het moment van de vergunningverlening en het bezwaar. De Raad van State oordeelde echter dat de vergunning gefaseerd was verleend met de voorwaarde dat constructieberekeningen nog goedgekeurd moesten worden, en dat deze goedkeuring inmiddels was verleend. Hierdoor was voldoende verzekerd dat het bouwplan aan het Bouwbesluit voldoet.
Verder voerde appellant aan dat de kans op schade aan zijn perceel door werkzaamheden aan de kelderaanbouw onvoldoende was meegewogen. De Raad van State volgde de rechtbank in de conclusie dat de gevreesde schade niet zodanig zeker en omvangrijk was dat de vrijstelling geweigerd had moeten worden.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.