ECLI:NL:RVS:2003:AF6755
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Boll
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering handhaving milieuvergunning voorschriften Celieplants B.V.
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer om niet handhavend op te treden tegen bepaalde voorschriften van een milieuvergunning verleend aan Celieplants B.V. Het verzoek tot handhaving betrof voorschriften 8.1 en 9.2, die door verweerder niet als nadere eis werden beschouwd en daarom niet gehandhaafd konden worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat verweerder niet tijdig heeft beslist op het bezwaarschrift, maar dat inmiddels alsnog een beslissing is genomen, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk is. Het inhoudelijke beroep richt zich op de weigering tot handhaving van voorschriften 8.1 en 9.2.
De Afdeling oordeelt dat voorschrift 8.1 niet als nadere eis geldt omdat de vergunning op het moment van inwerkingtreding van het Besluit opslag- en transportbedrijven milieubeheer niet onherroepelijk was. Voorschrift 9.2 geldt evenmin als nadere eis, zodat handhaving daarvan niet mogelijk is. Het beroep tegen het besluit van 16 juli 2002 wordt daarom ongegrond verklaard.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 2 april 2003.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk en het beroep tegen de weigering tot handhaving van milieuvergunningvoorschriften is ongegrond verklaard.